Werkgevers let op; informeer werknemers over het vervallen van vakantiedagen

12-11-2020

Het einde van het jaar komt in zicht. De meeste werknemers zullen dit jaar vakantiedagen hebben opgenomen. Maar hoe zit het nou met de vakantiedagen die niet worden opgenomen door een werknemer? Hoe lang heeft een werknemer nog de tijd om deze op te nemen en wat zijn de plichten van een werkgever?

In de wet wordt er een onderscheid gemaakt tussen wettelijke- en bovenwettelijke vakantie-uren.

De wettelijke vakantie-uren zijn het minimale aantal uren dat een werknemer recht heeft op vakantie en dat is gelijk aan vier keer de arbeidsduur per week. Voor een werknemer die 40 uur per week werkt komt dit neer op 20 vakantiedagen per jaar. Een werkgever kan met een werknemer afspreken dat een werknemer recht heeft op meer vakantiedagen per jaar dan de wettelijk verplichte vakantiedagen. Deze vakantiedagen worden de bovenwettelijke vakantiedagen genoemd. Waarom is dit onderscheid van belang? Dat heeft te maken met het feit dat er voor wettelijke en bovenwettelijke vakantierechten verschillende verjaringstermijnen gelden.

De wettelijke vakantiedagen vervallen 6 maanden na het einde van het jaar waarin ze zijn verworven. Dit betekent dat een werknemer tot juli van het volgende jaar de tijd heeft om deze dagen op te nemen. Daarna zijn ze vervallen. Bovenwettelijke vakantiedagen verjaren daarentegen pas na 5 jaar. Een werknemer heeft dus 5 jaar de tijd om deze dagen op te nemen.

Echter, volgens de Nederlandse en Europese wetgeving vervallen de wettelijke vakantiedagen niet als een werknemer redelijkerwijs niet in staat was om deze vakantiedagen op te nemen. Dit is bijvoorbeeld het geval bij volledige arbeidsongeschiktheid van een werknemer. Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft in 2018 twee uitspraken gedaan over het verval van de wettelijke vakantiedagen. In die uitspraken heeft het Hof bepaald dat de plicht tot het opnemen van de vakantiedagen niet volledig bij een werknemer kan worden gelegd. Een werkgever moet een werknemer op precieze wijze en tijdig informeren over het vervallen van zijn vakantiedagen. Als een werkgever dit niet doet zullen de vakantiedagen niet komen te vervallen en dat kan tot stuwmeren van verlofrechten leiden die bij het einde van een dienstverband afgerekend moeten worden.

Wat houdt dit nou concreet in voor een werkgever? Als werkgever is het verstandig om in januari een bericht te sturen naar de werknemers waarin duidelijk staat wat het saldo wettelijke vakantiedagen is van het voorgaand kalenderjaar en met de mededeling dat deze moeten opgenomen moeten worden vóór juli van datzelfde jaar omdat ze daarna komen te vervallen. Op die manier heeft een werkgever voldaan aan de informatieplicht en wordt voorkomen dat de wettelijke vakantiedagen van werknemers niet komen te vervallen binnen 6 maanden na het jaar waarin ze zijn verworven.

Heeft u vragen? Neem contact op met Kaper Nooijen Advocaten via info@kapernooijen.nl of 040-238 0444. Wij weten hoe het zit!

---

[1] HvJ EU 6 november 2018, ECLI:EU:C:2018:872 en HvJ EU 6 november 2018, ECLI:EU:C:2018:874

Trefwoorden: