Zorgprofessional in de GGZ leent geld van een cliënt/patiënt

De GGZ-instelling ontslaat de werknemer op staande voet, wegens het overtreden van de gedragscode en het op  grove wijze schade van het vertrouwen in de werknemer. Als tweede reden voert werkgever aan dat werknemer op een wijze communiceert met cliënten/patiënten die veel te nabij is en daarmee niet acceptabel. Deze tweede reden is gebaseerd op WhatsApp-verkeer tussen de werknemer en cliënten/patiënten.

So far nothing strange, I presume: een evidente dringende reden voor ontslag op staande voet.

Wat deze werkgever alleen óók doet, en dat zien we in de praktijk minder vaak voorkomen, en dat maakt deze uitspraak interessant, is de werknemer verzoeken om betaling van de gefixeerde schadevergoeding. Op grond van artikel 7:677 lid 2 en 3 onder a BW, is de partij die door opzet of schuld aan de wederpartij een dringende reden heeft gegeven om de arbeidsovereenkomst onverwijld op te zeggen, aan de wederpartij een schadevergoeding verschuldigd. De vergoeding is in geval van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd gelijk aan het bedrag van het in geld vastgestelde loon over de termijn dat de arbeidsovereenkomst bij regelmatige opzegging had behoren voort te duren.

De kantonrechter stelt voorop dat een GGZ-instelling ten doel heeft om kwetsbare mensen in de samenleving te helpen. De zorg die deze instelling levert is zogenaamde bemoeizorg: dit betekent dat sprake is van een actieve inmenging van de GGZ-instelling in het (privé)leven van haar cliënten. Extra voorzichtigheid en zorgvuldigheid zijn hier geboden.

De gedragscode was duidelijk en het ontslag op staande voet terecht gegeven. In dit geval concludeert de kantonrechter dat ook de vordering van de gefixeerde schadevergoeding moet worden toegewezen.

 

De uitspraak is gepubliceerd onder ECLI:NL:RBNME:2023:6177.

Wil je hier nou meer over weten? Bel Kaper Nooijen Advocaten. Wij weten hoe het zit.

Roos Verhoorennieuws, Nieuws